Archive for October 7th, 2009

07
Oct
09

Wat zonde!

Het was lang geleden. Hoe oud ik precies was weet ik niet meer. Vijf? Zes? Misschien wel zeven? Het was in ieder geval lang geleden, maar wat er precies gebeurde kan ik me nog als de dag van gisteren herinneren..

Kling kling tingelingeling (sinds wanneer wordt dit woord trouwens goedgekeurd door Firefox spellingscontrole?). Het bekende geluid klonk in mijn oren. Mijn ogen richtten zicht direct op vader en moeder en ook zij keken mij direct aan. Alsof het vanzelfsprekend was. Ik hoefde niets te zeggen. Ik wist wat me te doen stond. Met puppy oogjes keek ik naar vader en moeder. De blik zei genoeg, want vader trok zijn portemonnee uit de achterzak van zijn broek en haalde er een rijksdaalder uit. Van binnen begon ik helemaal te glunderen en vader legde het muntstuk in mijn hand en zei dat ik er maar iets lekkers van moest kopen. Hoeveel bollen kon je hier wel niet van krijgen?! Ik wist echter dat er iets zwaars tegenover stond; de verre reis naar de ijscoman moest ik zélf afleggen. In mijn eentje, zonder vader of moeder.

Ik keek nog snel naar vader. Moest ik dit écht gaan doen? Maar vader knikte en liet merken dat het goed was. De verre reis die naar de straat achter ons leidde, zou goed te doen zijn in mijn eentje. En dus ging ik op weg, met de rijksdaalder in mijn hand. Ik rende, want de geur van geld in mijn hand vond ik walgelijk. Stiekem was ik nog een beetje bang, want ik moest zelf mijn mond open trekken en kon niemand dat ijsje voor me laten kopen. Er stonden al wat mensen toen ik er aankwam en gelijk waren de ogen gericht op mij. Later besefte ik me dat ze me schattig vonden. Op dat moment dacht ik dat ze me uit stonden te lachen. Maar ik zette mijn beste beentje voor en liet de twee gulden vijftig aan de ijscoman zien. De man vroeg me hoeveel bollen ik graag wilde hebben. Alsof ik dat zou moeten weten. Alsof ik zou moeten weten hoeveel bollen je kunt krijgen van twee gulden vijftig! Ik zweeg dus en keek hem alleen maar aan. Hij begreep kennelijk wat ik bedoelde, want hij besloot het geld aan te nemen en maakte er maar iets moois van. Vaak kreeg ik bij de andere ijscoman (met verschillende smaakjes en een vrolijk liedje in zijn wagentje) maar twee bolletjes, maar deze ijscoman schepte door tot wel vier (!) bolletjes! Dit moest wel een heel erg duur ijsje zijn. Mijn dag kon niet meer stuk en dus liep ik vrolijk terug naar huis met een ijsje in mijn hand.

De terugweg duurde langer dan verwacht, want likken aan het ijsje en lopen ging niet zo goed samen. Net zoals smsen en lopen tegelijk. Vooral niet doen. En dus besloot ik te gaan rennen, want hoe eerder ik thuis zou zijn, hoe eerder ik aan mijn ijsje kon beginnen (en hoe minder gesmolten dat ijsje zou zijn). Mijn huis was in zicht en voor ik het wist stond ik in onze tuin. Ik zette nog een sprint in, maar werd toen overvallen door het meest pijnlijke moment van die dag: Van mijn ijsje was nog maar één bolletje over. De rest lag voor mijn neus op de grond. Mijn broer hoorde ik op de achtergrond hard lachen, maar ik kon ieder moment in tranen uitbarsten. “Oh nee,” dacht ik. “Wat zonde van die twee gulden vijftig!”




Follow

Get every new post delivered to your Inbox.